Het gebouw

SNS Historisch Centrum

 Contact       Disclamer     Facebook      Youtube

SNS Historisch Centrum Contact disclamer
Over ons About us Bankgebouw Geschiedenis vergaderruimte Virtuele Rondleiding
Het gebouw De bibliotheek De bankhal De bestuurszaal De tussenhal De knipkamerhal

Toen het eind jaren twintig van de 20ste eeuw overduidelijk werd dat de Nutsspaarbank Kampen een nieuw hoofdkantoor nodig had, werden er diverse studiereizen naar het buitenland ondernomen om de laatste ontwikkelingen op bankgebied te bestuderen en natuurlijk ook om de huisvestingsmogelijkheden te onderzoeken. Uiteindelijk werd de Groningse architect Gerhardus Hoekzema benaderd om het gebouw te ontwerpen. Een bijzondere keuze, die niet direct voor de hand lag en waarvan de achtergrond nog steeds onbekend is, maar waar in ieder geval geen prijsvraag of wedkamp aan vooraf ging, waardoor mag worden aangenomen dat Hoekzema gericht werd benaderd. Hij had nog niet eerder in Kampen gebouwd, terwijl het in die stad niet ontbrak aan adequate architecten, zoals G.B. Broekema, die een paar jaar later het archiefgebouw aan de Geerstraat zou bouwen en bovendien een bekende van Nutsspaarbankdirecteur Frans Walkate was.


Hoekzema was echter geen dilettant of tweede keuze. Hij had zijn sporen verdiend, vooral in en rond zijn woonplaats Groningen. Voor de Kamper Nutsspaarbank presenteerde hij twee versies, waarvan de meest sobere variant werd gekozen. Beide ontwerpen waren opgezet in de stijl van de Amsterdamse School. Deze expressionistische bouwstijl kenmerkt zich onder meer door forse, theatrale vormen, massieve muurvlakken, veelvuldig gebruik van baksteen in diverse metselverbanden, vaak gecombineerd met natuurstenen elementen en een voorliefde voor versieringselementen zoals glas-in-lood, smeedijzer en beeldhouwwerk.

Voor een deel zet zich dat voort in het interieur, want de meeste Amsterdamse Schoolarchitecten probeerden van hun ontwerpen een Gesamtkunstwerk te maken, waarbij alle onderdelen van in- en exterieur zo goed mogelijk op elkaar waren afgestemd en elkaar zo mogelijk versterkten. Glas-in-lood komt op diverse plaatsen in het gebouw terug, evenals het gebruik van smeedijzer. Ook lambriseringen zijn populair en het gebruik van tegels. In het eerste, meest ambitieuze (en daardoor) niet uitgevoerde ontwerp was aan weerszijden van het ingangsportaal ook beeldhouwwerk voorzien, dat in de tweede versie verdampte tot plukjes elementaire ornamentiek aan de gevel. Toch straalde ook deze tweede versie degelijkheid, kwaliteit en klasse uit.

Een paar jaar na de oplevering werd het gebouw in dezelfde stijl uitgebreid, met onder meer een bibliotheek, waardoor het gevelfront aan de Burgwal een (nog) monumentalere uitstraling kreeg.

Bij de stijl van de Amsterdamse School past een specifiek kleurgebruik. Veel voorkomend zijn paars, (donker)blauw, (donker)groen, geel, (diep)rood en oranje, ingebed in zwart. Dit zijn ook kleuren die voorkomen in de vloer van de bankhal. Deze hal is een belangrijke ruimte in het gebouw. Het was het meest openbare gedeelte en het vertrek waar het contact tussen klanten en bankpersoneel tot stand kwam. De ruimte moest dus niet alleen representatief, maar ook zakelijk en functioneel zijn en bestand tegen een grote toeloop. Vooral de vloer had natuurlijk veel te lijden van bezoekers die rechtstreeks vanuit weer en wind naar binnen kwamen lopen. Tapijt, parket of vloerbedekking was daarom minder geschikt, maar in de tijd dat de bank werd gebouwd waren er gelukkig aantrekkelijke alternatieven voor handen, die bovendien aansloten bij de rijke materiële uitstraling van de gekozen bouwstijl, gemakkelijk te reinigen waren en daardoor bijdroegen aan de hygiëne. Walkate en Hoekzema zullen er diverse hebben onderzocht.